De muziek van deze ochtend zoekt de ruimte van de openheid. Met muziek van Beethoven, Fauré en Kodály uit een periode van hun leven waarin de jeugdige energie en onbevangenheid voelbaar is. In een fase van je leven waarin je jezelf nog niet al te zeer tegenhoudt of afvraagt wat wel en niet kan. Muziek die je even het gevoel kan geven dat de wereld steeds opnieuw begint en dat er altijd weer iets nieuws kan gebeuren.
Zo ontstaat ruimte: niet alles al weten of afwegen, maar ontvankelijk blijven voor wat zich aandient. Voor een idee, een klank, een beweging die je misschien ergens brengt waar je van tevoren niet had gedacht uit te komen. De componisten konden nog niet weten hoe lang hun muziek zou blijven klinken, hoeveel mensen ermee zouden leven of wat latere generaties erin zouden horen.
In Beethovens Frühlingssonate klinkt iets van die frisheid en beweging. De bijnaam kwam pas later, maar de muziek zelf heeft een lichtheid die gemakkelijk aan de lente doet denken: alsof de wereld opnieuw begint en alles mogelijk is.
Fauré laat een andere kant horen. In Sicilienne en Papillon is er lichtheid en speelsheid, terwijl Après un rêve een verlangen naar een andere wereld draagt. Verschillende kanten van hetzelfde gevoel: bewegen naar iets toe, zonder precies te weten waarheen.
Kodály geeft die energie weer een andere vorm. Zijn muziek kan aards en uitbundig zijn, met ritmes en klanken die zich bijna rechtstreeks lijken te bewegen. In zijn Sonata for Solo Cello, Op. 8 is er grote vrijheid: de cello zingt, spreekt, beweegt en lijkt soms bijna uit zijn voegen te barsten. Sonatina laat weer een andere kant van zijn verbeelding horen.
Misschien is dat wat deze muziek ons voor even teruggeeft: de ruimte om niet meteen vooruit te lopen op wat mis kan gaan. Niet alles al te weten of te wegen. Maar open te blijven voor wat zich nog kan aandienen.
Dat het leven beweegt, de wereld steeds opnieuw begint en er altijd iets nieuws kan ontstaan.
Programma
Ludwig van Beethoven – Violin Sonata No. 5 in F major, Op. 24 (“Frühlingssonate”)
Gabriel Fauré – Sicilienne, Op. 78
Gabriel Fauré – Après un rêve, Op. 7 No. 1
Gabriel Fauré – Papillon, Op. 77
Zoltán Kodály – Sonatina
Zoltán Kodály – Sonata for Solo Cello, Op. 8
Musici
Jeroen den Herder – cello
Hua-Hsuan Lee – piano
Een moment om even nergens heen te hoeven.
Om samen te luisteren. Naar de muziek en naar wat er in dat moment kan ontstaan.
Over de musici

